Optical Tools
Home     Magnifiers   Refractometers   Telescope   Theodolites   Night Vision   magnifying glasses   focal length telescope   digital camera binocular   video magnifiers   gift binoculars   book magnifiers   All Tags
Home ›› Refractometers ›› Hoeveel zout zit er in zeewater?
   
 You may find:
salinity refractometer instrument ; Secchi Disk ; salinity refractometer pH METER ; salinity refractometer salt ; Refractometer Brix
 Popular Tags:
brix refractometer sugar | brix refractometer wine | brix refractometer taste | brix refractometer grapes | chase brix refractometer | Sugar Written In Sugar | Coolant Battery Refractometer | Hand Refractometer | Specific Gravity Of Permanganate | Abbe Refractometer Reichert
Hoeveel zout zit er in zeewater?

Tag:salinity refractometer Hydrometer salinity refractometer | 35 Viewers| studiokwaak 2031-10-08 02:55:49 Publish:

In 1 kg zeewater komen de volgende hoeveelheden zouten voor:
24 gram natriumchloride (NaCl)
5 gram magnesiumchloride (MgCl2)
4 gram natriumsulfaat (Na2SO4)
0,7 gram calciumchloride (CaCl2)
0,8 gram magnesiumbromide (MgBr2)
De hoeveelheid zouten bedraagt dus 34,5 gram per kg zeewater, oftewel 3,45% (34,5‰).
Een emmer met een inhoud van 10 liter zeewater bevat ongeveer twee volle koffiekoppen zeezout.

Hoe meten we het zoutgehalte in ons aquarium?We meten meestal met een areometer, dichtheidsmeter met vlotter, geleidbaarheidmeter of een refractometer. Zolang we een goede areometer gebruiken, de dichtheidmeter met vlotter goed schoonhouden en niet beschadigen, de geleidbaarheidmeter en de refractometer regelmatig kalibreren, kunnen we beoordelen of ons zoutgehalte constant blijft of niet. Of we ook kunnen zeggen hoe hoog het zoutgehalte, de dichtheid of de geleidbaarheid werkelijk is en daarmee vergelijkingen met aquaria van onze winkeliers of een andere aquariaan kunnen maken? Dat is een heel ander thema, wat ik in een volgende verhaal wil uitleggen.
Het is me reeds veelvuldig opgevallen dat er over dit onderwerp nog al wat problemen zijn:
De zoutgehalte/dichtheidstabel van mijn SeaTest dichtheidsmeter van Aquarium Systems bestaat uit getallenparen, die of voor 14°C of voor 30°C gelden. Zonder vaste werktemperatuur heeft zo’n tabel al helemaal geen zin.
De vergelijkbare Hydrometer van Instant Ocean heeft weliswaar een dichtheids/zoutgehalte tabel voor een vaste werktemperatuur, maar deze ligt bij 15°C, terwijl er in de handleiding staat dat het apparaat voor 20-29°C geschikt is.
Bij mijn refractometer RHS-10ATC, die volgens de opgave van de fabrikant bij 20°C geijkt is, kloppen de dichtheid/zoutgehalte waarden slecht voor 9°C slecht voor 15°C en voor het aangegeven temperatuurbereik al helemaal niet. Als ik bijvoorbeeld met de Seatest een dichtheid van 1,022 meet, wordt daarbij een zoutgehalte van 29,8 aangegeven. In werkelijkheid hoort (bij 25C°) bij deze dichtheid een zoutgehalte van 33,20. Een verschil van meer dan 10%!!

Wat is er nu zo moeilijk aan deze metingen?
De problemen beginnen al met de definities van de eenheden. Er wordt van dichtheid, van gewicht, van soortelijk gewicht, van zoutgehalte en van geleidbaarheid gesproken, en vaak is het niet duidelijk wat iedere eenheid betekent en hoe de waarden ervan zich tot elkaar verhouden.Soortelijk gewicht is een verouderde eenheid, die vroeger in plaats van dichtheid gebruikt werd. Ze wordt in de wetenschap niet meer gebruikt en zou ook in de aquaristiek niet meer gebruikt moeten worden.Dichtheid geeft het gewicht per volume aan, dus kg per liter of gram per kubieke centimeter (cc) of milliliter (ml). Water heeft bij 4°C exact een dichtheid van 1. De dichtheid van zeewater is afhankelijk van zoutgehalte, van druk en van temperatuur. De dichtheid is een absolute grootheid, begrippen als “relatieve dichtheid” zijn niet eenduidig gedefinieerd en moeten daarom ook niet gebruikt worden.Dichtheid moet men niet verwarren met de eenheid gewicht, die voor onze doeleinden minder van belang is.De geleidbaarheid geeft aan hoe goed het water stroom geleidt. Het wordt meestal in milliSiemens per centimeter aangegeven, maar kan ook in Siemens per meter aangegeven worden waarbij geldt dat 1 S/m=10 mS/cm. “Siemens” is de omgekeerde waarde van de weerstandsgrootte “Ohm”. De geleidbaarheid is afhankelijk van het zoutgehalte en de temperatuur.Zoutgehalte is een in de oceanografie gebruikelijke grootheid, die gedefinieerd is als de verhouding tussen de geleidbaarheid van een zeewatermonster en de geleidbaarheid van een standaardoplossing. In ons geval kan dat met het zoutgehalte gelijkgesteld worden.Omdat zoutgehalte de eenheid gram per liter heeft, wordt het zoutgehalte zonder eenheid of in promillen aangegeven (zoutgehalte 35 = zoutgehalte 35 promille = zoutgehalte 35 g/l).

Het zoutgehalte is als enige meetgrootheid onafhankelijk van de temperatuur 1)
De drie gebruikelijke waarden dichtheid, geleidbaarheid en saliniteit/zoutgehalte staan altijd in een vaste verhouding met elkaar in verband. Zo hoort (bij gelijke druk) bij 25°C een dichtheid van 1,0234, een geleidbaarheid van 53,0 en een saliniteit van 35, ook een zoutgehalte van 35 gram per liter. Helaas zal men niet altijd zo’n tabelletje bij zich hebben en al helemaal niet uit het hoofd weten. Daarom zou het handig zijn als we in de aquaristiek een grootheid zouden kunnen gebruiken, waarmee we onze meetwaarden zouden kunnen vergelijken.Omdat de dichtheid en de geleidbaarheid temperatuurafhankelijk zijn, stel ik voor, zoals ook in de oceanografie gebruikelijk is, zoutgehalte/saliniteit als standaardeenheid te gebruiken. Dan kunnen we immers altijd en overal, zonder toevoeging van een temperatuursgetal onze meetwaarde vergelijken. Men moet zich alleen wel bedenken, dat het zoutgehalte niet direct uit de hoeveelheid zout die men in het water doet te berekenen is. Dit komt omdat het volume door de toevoeging van het zout verandert, en omdat het zoutmengsel ook altijd water bevat. Als we 35 gram zeezout in een liter water doen, zal het zoutgehalte lager zijn dan 35 gram per liter.

DE MEETMETHODE
We moeten het zoutgehalte natuurlijk ook meten. Daarvoor hebben we de volgende mogelijkheden:
Areometer
Hiermee wordt de dichtheid bepaald. Daarom moet er ook de temperatuur gemeten worden, voordat er überhaupt iets over de waarde gezegd kan worden. Areometers zijn normaal gesproken niet temperatuur gecompenseerd, de meting is daarom slechts bij een bepaalde temperatuur exact. Deze temperatuur is op de areometer aangegeven en is over het algemeen 25°C. Vaak is er ook een tweede temperatuur aangegeven. Dit betekent dat de dichtheid relatief t.o.v. de dichtheid, die zuiver water bij die tweede temperatuur heeft, gemeten wordt. Als die tweede temperatuur 4°C is (te zien op de areometer als 4°/25°C), dan heeft men een correcte dichtheid, omdat water bij 4°C exact de dichtheid van 1 heeft.Als de vergelijkingstemperatuur echter anders is, dan krijgt men een foute, namelijk te hoge dichtheidwaarde. Bij een vergelijkingstempe-ratuur van 25°C (op de areometer staat dan 25°C/25°C) krijgt men dan bv. in plaats van 1,0230 de waarde 1,026. Corrigeert men deze fout in de dichtheid niet, dan krijgt men in plaats van de juiste saliniteit van 34,5 de waarde 38,5! Om de juiste waarde te krijgen, moet de gemeten waarde in dit voorbeeld met de dichtheid van water bij 25°C, (=0,997) vermenigvuldigd worden. Zulke areometers zijn voor onze doeleinden eigenlijk niet geschikt, maar helaas nog veel in gebruik en veroorzaken veel verwarring. Hoe langer de spindel (het smalle gedeelte van het apparaat), hoe groter de schaalverdeling is, hoe exacter we kunnen aflezen. Men moet er wel op letten dat een gewone areometer van onderaf afgelezen moet worden, omdat de juiste waarde precies op de hoogte van het wateroppervlak ligt en niet op de hoogte van de meniscus, die zich aan de spindel bevind. Met enige handigheid kunnen we natuurlijk ook de dichtheid bij een bovenaanzicht op de juiste manier aflezen. Als een areometer schoon en onbeschadigd is kunnen we heel precies de dichtheid bepalen en uit een tabel de bijbehorende saliniteit opzoeken.

Geleidbaarheidmeting
Een zeer snelle en makkelijke meting om de geleidbaarheid en daarmee weer via een tabel de saliniteit te bepalen. Met de geleidbaarheidmeter kunnen we snelle en precieze metingen doen, omdat kleine veranderingen in zoutgehalte al duidelijk andere meetwaarden geven. Door de gebruikelijke automatische temperatuurscompensatie krijgt men altijd de voor 25°C gecorrigeerde waar-de, die weer eenvoudig om te rekenen is.Wat wel verwarrend is, is dat vele geleidbaarheidmeters de dichtheid aangeven. Apparaten die direct de saliniteit kunnen aangeven zijn veel beter. De gebruikelijke apparaten moeten net zoals een pH-meter regelmatig met standaardoplossingen gekalibreerd worden. Het nadeel van al deze apparaten is de prijs. Het begint bij 150 Euro (Selzle). Vanaf 300 Euro koopt men er een met een referentie (Bischof CD 24), maar men kan ook meer dan 1000 Euro uitgeven. Bij de koop moet men er speciaal op letten dat het meetbereik tot minstens 60 milliSiemens (geen microSiemens!) gaat. Er zijn mooie geleidbaarheidmeters die slechts tot 19,99 mS (milliSiemens) meten, en die kunnen we dus alleen maar gebruiken voor het controleren van het omkeerosmose apparaat.

Refractometers
Deze worden op het moment gezien als “state of the art” in de aquaristiek en bieden de prettige mogelijkheid, om met een paar druppels water snel een nauwkeurige saliniteitmeting te doen. Helaas hebben ook deze kleine apparaten hun eigenaardigheden: het begint al, tenminste voor de RHS-10ATC, met de dichtheidschaalverdeling, die complete onzin aangeeft. Het is echter ook weer niet zo erg, omdat er ook een saliniteitschaalverdeling op zit.In het geval van de RHS-10ATC is er echter nog een ander, ernstiger probleem: op de schaalverdeling staat “saliniteit” en het werd me ook als een refractometer voor zeewater verkocht. Ik heb door het meten van verschillende standaards echter bepaald, dat de meetwaarde afgeleid is van zuivere keukenzout oplossingen. Daardoor is er in het bereik tussen 30 en 40 g/l een lineaire fout van ongeveer +2, er moet dus altijd 2 afgetrokken worden van de gemeten saliniteit, om de juiste waarde te krijgen.Omdat de saliniteitschaalverdeling normaal gesproken van 0-100 promille gaat (= 0-100 g zout/l), is de aflezingnauwkeurigheid niet bijzonder hoog en is het niet echt eenvoudig 34 van 35 g/l te onderscheiden. Het zou beter zijn als refractometers slechts in een klein saliniteitsbereik werken, hoe kleiner het bereik des te groter is de afleesnauwkeurigheid. De pipet waarmee het watermonster genomen wordt, mag geen zout-resten van een vorig monster bevatten, omdat door de kleine hoeveelheid monster ook kleine zoutresten de uitkomst verpesten. Dus na iedere meting met zoet water spoelen! Ook hier geldt dat de meetwaarde slechts exact is als het apparaat regelmatig gekalibreerd wordt. Dit gebeurd met gedestilleerd water, en daarbij is de voor de refractometer aangegeven temperatuur belangrijk.Omdat we slechts een kleine hoeveelheid monster gebruiken moet het apparaat deze temperatuur hebben, het water past zich hier snel bij aan. Gelukkig hebben vele refractometers een temperatuurscompensatie en hoeft men bij de meeting niet op de temperatuur te letten. De prijs is ook niet meer zo afschrikwekkend als vroeger, er zijn intussen apparaten vanaf 50 Euro, de betere apparaten zijn beduidend duurder.

Saliniteitsmeters met een vlotter
Deze apparaten zijn niet duur en eenvoudig te bedienen. Afgezien van de verwarrende dichtheidsverdeling, die we eenvoudig als nutte-loze versiering zullen beschouwen, leveren ze reproduceerbare saliniteitwaarden. Bij deze apparaten raad ik dringend aan, ze voor het eerste gebruik te vergelijken met een van de andere apparaten. Om te kunnen zeggen bij welke exacte saliniteit de gemeten saliniteit hoort. Mijn eigen SeaTest wijst bv. bij 24°C 33,3 aan, bij een werkelijke saliniteit van 33,9. Hier moet vervolgens bij de gemeten waarde 0,6 bij opgeteld worden. De aanwijzing is (in tegenstelling tot wat de fabrikant zegt) temperatuurafhankelijk, en daarom moet indien mogelijk altijd bij dezelfde temperatuur gemeten worden, of door vergelijkingsmetingen bepaald worden, welke afwijkingen zich bij welke temperatuur voordoen. Bij de meting moet er bovendien op gelet worden dat er geen kleine luchtbelletjes aan de vlotter hangen. Deze zullen naar een te hoge saliniteitwaarde leiden. Ze moeten na het gebruik met zoet water afgespoeld worden, zodat er geen zoutafzetting optreedt, die het zoutgehalte van het monster be
Yahoo: salinity refractometer Hoeveel zout zit er in zeewater? salinity refractometer Hydrometer
Google: salinity refractometer Hydrometer Hoeveel zout zit er in zeewater? salinity refractometer

Post your comment about:    Hoeveel zout zit er in zeewater?

   

Topics: Magnifiers Refractometers Telescope Theodolites Night Vision
All Contents was collected by orders.If you have any problem please Click Me © 2008 Optical Tools Time 0.112388 S(s).Query 5.